Meta Pixel

Ben jij bezig met zindelijkheidstraining voor je kindje van 18 maanden? Dan kan je nog al eens weerstand uit je omgeving krijgen (tante Annie, de buurvrouw…).

‘Waarom ben je bezig met zindelijk worden? Kinderen moeten al zoveel’.

‘Je moet een kind niet pushen. Je moet gewoon wachten tot hij eraan toe is.’

‘Het komt vanzelf’.

‘Hij is veel te jong om zindelijk te worden!’

Zijn deze opmerkingen herkenbaar? Negeer ze gewoon. Jij weet wel beter! Je bent je kind iets aan het leren.

Als kinderen wat jonger zijn, kost dat even wat meer aandacht en tijd. Hierbij forceer je niets, het gaat er om dat je je kindje actief aan het stimuleren bent. Je bent je kindje iets aan het leren. Het is hetzelfde als met leren lopen. Je biedt je kindje dat actief aan door hem aan de hand te laten lopen of een duwkar te geven.

Ongelukjes horen erbij

En bij iets leren, hoort ook fouten maken. Bij zindelijk worden zijn dat de ongelukjes. Als je kindje veel ongelukjes heeft kan dit heel frustrerend voor jou als ouder zijn. Maar hoe frustrerend het ook is, probeer positief te blijven. Ongelukjes gebeuren. Het is ook net als bij leren lopen. Dat gaat met vallen en opstaan… Als je kind valt met leren lopen word je ook niet boos, toch?

Dus mocht je je boos of gefrustreerd voelen na de zoveelste plas op de grond of poep in de broek, haal dan even diep adem. Bedenk hierbij dat je kindje het niet expres doet of om jou te pesten. Zeg zoiets als:  ‘Kan gebeuren. Volgende keer gaan we weer oefenen om op het potje te plassen’.

Zie elk ongelukje als een leermoment. Je bent samen met je kind weer een stapje dichterbij het zindelijk worden. Hou vol! Zindelijkheidstraining is intensief voor jou en je kindje, maar jullie kunnen dit samen. Zet ‘m op!